In mijn avontuur om volledig op Linux over te stappen, drong zich een vraag op: wordt dezelfde hardware ook buiter computerspellen beter (of anders) benut in Linux dan Windows? The Bus dat in Linux met hogere instellingen te spelen valt, was een van de redenen dat ik mij dit afvroeg.
Dus maakte ik een project in Blender dat relatief veel van mijn videokaart en processor zou vragen, maar vooral: lang duurt om te renderen. Zo voorkom je dat willekeurige fluctuaties in tijd een vals gevoel van verbetering geven, of de resultaten vertroebelen.
De testopstelling

Dit project hierboven zou ik 10 maal renderen in zowel Windows als Linux: een mix van gebouwen zonder en met “gebakken” textures, mist (een grafisch vrij intensief effect waarvoor veel samples nodig zijn), en veel verschillende soorten lampen.
Een korte samenvatting van de testopstelling, ook al corrigeer ik natuurlijk enkele variabelen zoals omgevingstemperatuur en een doorgewarmd computersysteem totaal niet:
- Hardware:
- Gigabyte Z370P D3
- i7-9700KF (met Noctua NH-D14 als koeler)
- RTX Super 2080 (standaard-koeler)
- 32 GB Ram (Crucial 4×8 GB Kit)
- Samsung Evo Pro 2TB SSD (projectschijf)
- Koeling handmatig op 100%
- Besturingssysteem: Windows 10 Pro en ArchLinux met KDE Plasma
- Blender instellingen:
- Blender versie: 3.6.2
- Resolutie: 3840×2160
- 2048 samples
- (1 diffuse, 5 glossy, 5 Transmission, 3 Volume en 7 transparency bounces)
- Na elke render
- Blender sluiten
- Computer afsluiten
- Computer starten
- Render herhalen
Met het afsluiten van de computer zorg ik voor leeg geheugen: gegevens die Windows en Linux waarschijnlijk ook verwacht binnenkort weer nodig te hebben blijven gecached. Dat zou de resultaten kunnen beïnvloeden. Alle rendertijden werden genoteerd in een Excel document om er een mooi grafiekje van te maken (alles voor de wetenschap!)
Het resultaat/de conclusie
Na het invoeren van alle gegevens en het omzetten van het aantal minuten rendertijd naar secondes, rolde er deze mooie grafiek uit:

Een aantal dingen die opvallen. Natuurlijk als allereerste het grote verschil in tijd tussen Linux en Windows. (Dit is een veel groter verschil dan ik verwachte!) Is er tussen de eerste 4 renders nog een verschil van gemiddeld 3,5 minuut, vanaf renders 5 en 6 neemt de tijd flink toe tot ongeveer 4 minuten tijdverschil.
Deze toename kan ik zelf niet verklaren: de Windows-test was de eerste die ik uitvoerde, dus warmte-ontwikkeling kan hier geen rol hebben gespeeld (ik startte direct na render 10 in Windows op in Linux, dus het systeem was warm).
Een test die ik alleen in Linux uitvoerde, is het opwaarderen van het geheugen van 4×8 GB 2666 Mhz overgeklokt naar 3200, naar 2×16 dat al op 3200 Mhz werkt als basisklok en werd overgeklokt naar 3250 Mhz. Dat verschil is marginaal en je kunt je afvragen of dat de investering voor wat oudere hardware waard is, tenminste als het om prestaties in Blender gaat.
Maar als het gaat om antwoord op de vraag: is dezelfde hardware bij gebruik in Linux efficienter in te zetten dan in Windows? Als het om Blender gaat zou mijn antwoord onomstotelijk “Ja” zijn.
Neem de resultaten natuurlijk wel met een korreltje zout: jouw hardware opstelling kan zomaar hele andere resultaten opleveren.